dinsdag 22 maart 2011

Brief van...

Van: Onbekend
Aan: Wesley Maurix <wesley.maurix@gmail.com>
Datum: 8 augustus 2010
Onderwerp: Brief aan jou

Beste jij,

Waar hou jij je vandaag de dag mee bezig? Ik volg je wel, ik zie je. Je hoeft niet te reageren, ik kan toch zien wat je denkt. Hoe ziet je gemiddelde doordeweekse dag er normaal gesproken uit, in een schoolweek? Ik weet niet hoe het komend schooljaar gaat, maar voor de vakantie had je niet echt een druk schema. Je voerde geen ruk uit, en toch ging alles goed. Dacht je. Je zat lekker in je vel, had je eerste opnames voor tv, en had geen zorgen aan je kop. Ondertussen week je steeds meer van het rechte pad af. Meer chillen, meer smoken. Je veranderde zonder dat je het in de gaten had van een open, sociaal en vrolijk persoon, in een irritant, arrogant, zelfs egoïstisch mannetje. Niet echt grappig. Volgende keer zal ik je tegenhouden, beloof ik je bij deze. ’t Komt allemaal wel goed.

Waar ik het ook even met je over wil hebben, is school. Ik ben trots op je dat je eindelijk eens iets hebt gedaan. Bijna alles op tijd af en ingeleverd, zelfs het modelbeeld van de ideale leerling genoemd, goed bezig. Ik hoop dat het bergop blijft gaan, en je je doel voor ogen houdt. Ga alsjeblieft voor deze opleiding, je bent goed op weg.
Droom trouwens niet teveel weg bij spannende verhalen over de Illuminati en de New World Order. Ook niet te druk maken over 2012, dat zal ook allemaal wel loslopen.

Ook moet je vooral bezig blijven met lezen en schrijven. Het is goed voor je ontwikkeling. en aangezien je er echt iets mee wilt doen, met dat schrijven, is niks beter dan lezen, herlezen, schrijven, schrijven, teruglezen, schrappen en herschrijven. Blijf wel schrijven op je gevoel, en niet om het schrijven zelf. Wanneer iets met gevoel geschreven is, is het tijdloos. Gevoel is de sleutel naar de harten van anderen.

Het is allemaal een gevoelskwestie. Sta in hemelsnaam open voor je eigen gevoelens, en laat je leiden door je intuïtie, dan zit het vaak wel goed. Ben niet bang dat je in de fout gaat, van fouten leert men wordt gefluisterd.
Voor ik het trouwens vergeet, blijf niet piekeren over het uiteenvallen van je familie. Ga verder, sluit het af, maar draag het met je mee. Leer van de fouten die je broer, zus en schoonzus hebben gemaakt, en zorg dat jij niet dezelfde fout begaat. Je ouders lijken af en toe vervelende, strenge mensen, maar zo slecht het je het niet. Je krijgt goed te eten, wanneer je weg wilt, mag je gaan, en als je iets nodig hebt, hoef je het maar te vragen. In principe verbieden ze je niets, maar hebben ze zoveel vertrouwen in je, dat je oud en wijs genoeg bent om zelf te beslissen over wat ‘goed’ en ‘slecht’ voor je is. Goed en slecht tussen aanhalingstekens, omdat goed en slecht niet bij iedereen hetzelfde is.
Verheug je op je nieuwe neefje of nichtje, en breng veel tijd door met het nichtje dat je al hebt. Wanneer ze ouder wordt, moet je haar met raad en daad bijstaan waar ’t nodig is. Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor het komende kleintje.
Tip: breng ook eens wat meer tijd door met je oudste broer, en jongste zusje, ook zonder hen was je niet geweest waar je nu bent.

O, en om ook nog wat te zeggen over je ‘liefdesleven’. Maak je niet zo druk, het komt allemaal wel goed. Klinkt cliché, en je hebt het zelf al 1001 keer gezegd tegen anderen. Anderen ook tegen jou, zoals ik weet. Ze hebben gelijk. Maar als je wilt dat er iets veranderd, en dat wil je, onderneem dan eens iets! Ik weet dat je bang bent om af te gaan, en het zoveelste blauwtje te lopen, maar als je zo doorgaat, schiet het natuurlijk niet op. Je kunt best eens een meisje een compliment geven, of eerlijk toegeven dat ze je interesse heeft gewekt. Je kunt blijven kwijlen op vrouwvolk (ik heb je column over meisjes gelezen), maar je wilt vast niet dat deze ‘prachtige wezens’ (zoals jij ze noemt in de voornoemde column), je gaan zien als een mietje.
Ik weet dat je het kunt, want in je dromen heb je het al zo vaak gedaan.

Ik zou je nog veel meer willen schrijven, maar dit is voor nu genoeg. Ik wil alleen nog dat je weet dat je een paar beschermengelen hebt die je bijstaan.

Ik ben er daar één van.

Was geschreven,

Mij.




Voor dit stuk ben ik geïnspireerd door een boek uit de 75e Boekenweek. In Titaantjes waren we -Schrijvers schrijven zichzelf schrijven schrijvers een brief aan hun jongere ik.
Ik heb hier een eigen draai aan gegeven, en schrijf geen brief aan mijn jongere ik, maar aan de ik van nu. Wat zou ik tegen mezelf zeggen als ik mijn oudere broer, beste vriend, of professional zou zijn?

Geschreven op: 8 augustus 2010

Geen opmerkingen:

Een reactie posten