zondag 13 november 2011

Zien


Lege ogen staren me aan,
Nee, wacht…
Ze prikken door me heen

Ik kijk achter me,
Niet wetend wat te zien,
Is het uit waakzaamheid?
Of een beetje naïef misschien?

…Niks te zien.

Waarom kijkt ze dan zo?
Ziet zij mij wel staan?
Ik weet het niet.

Ik wil iets zeggen,
Maar de woorden blijven verdwaald,
Verstrikt achter,
Achter in mijn strot.

…Bestudeer de blik wat meer

Het is de blik als van een dode,
Uitdrukkingloos, in staat van ontbinding,
Wat ligt er achter dat slot in haar herinnering?

In mijn hoofd is
Ze bang, eenzaam,
Boos en depressief.

Agressie om de wereld,
Het leven waarin wat licht
Haar niet wordt gegund,
Verdriet om de prins,
Die haar maar niet wakker kust.

Klaar met het leven,
Niet zij, maar de dood staat al
In haar schoenen….

…Ach stom wijf, ze moet niet zeiken,
Je gaat vanzelf dood,
Nog even geduld

Ik kom terug uit gedachten,
Waar zij mij ineens verraste,
Tranen in haar ogen, ze lachte.

…hè?

Gefopt. Ik wilde je gewoon even zien.
Is wat ze zegt.